Renteschema
Renteresultaat
In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is voorgeschreven hoe wij de doorberekening van de rente dienen te verantwoorden. Het te hanteren renteomslagpercentage dient op een éénduidige wijze berekend te worden door alle gemeenten, zodat onderlinge vergelijkbaarheid toeneemt en beter aansluit bij de werkelijke rentekosten. Hieronder is het schema opgenomen dat inzicht verschaft tussen de rentekosten en rentedekking binnen de begroting en rekening 2025.
SCHEMA RENTETOEREKENING 2025 | Begroting primitief | Begroting na 1e Berap | Begroting na 2e Berap | Rekening | |
a | Externe rentelasten over de lange en korte financiering | 4.755 | 4.805 | 4.805 | 4.908 |
|---|---|---|---|---|---|
b | Externe rentebaten over de lange en korte financiering | 3.965 | 5.465 | 6.195 | 6.609 |
Saldo rentelasten en rentebaten | 790 | -660 | -1.390 | -1.701 | |
PLUS: | |||||
c1 | Rente aan facilitaire grondexploitaties (kostenverhaal) doorberekend | 0 | 0 | 0 | 0 |
MINUS: | |||||
c2 | Rentelasten van projectfinanciering die aan de betreffende taakvelden moeten worden toegerekend | 659 | 659 | 659 | 646 |
PLUS: | |||||
c3 | Rentebaten van doorverstrekte leningen die aan de betreffende taakvelden moeten worden toegerekend | 335 | 335 | 335 | 335 |
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente | 466 | -984 | -1.714 | -2.013 | |
PLUS: | |||||
d1 | Rentevergoeding over eigen vermogen (reserve Gebiedsbeheerplan) | 19 | 20 | 20 | 20 |
d2 | Rentevergoeding over contante waarde voorziening (bouwgronden in exploitatie) | 343 | 352 | 352 | 352 |
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente | 828 | -612 | -1.342 | -1.641 | |
e | De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) | 835 | 0 | 0 | 0 |
f | Renteresultaat op het taakveld treasury | 7 | 612 | 1.342 | 1.641 |
Toelichting renteresultaat 2025
Zoals uit het schema rentetoerekening 2025 hierboven onder regel b blijkt is tot en met de 2e Berap reeds in totaal
€ 2.230.000 (€ 6.195.000 minus € 3.965.000) gemeld als extra rentebaat over de (tijdelijke) overtollige liquide middelen. Uiteindelijk zijn de totale externe rentebaten uitgekomen op € 6.609.000.
Omdat het totaal aan taakvelden toe te rekenen rente op een negatief bedrag van € 1.641.000 uitkwam is er in 2025 dus geen sprake van een rentelast die aan taakvelden moet worden toegerekend, maar een rentebaat die ontstaat omdat op uitstaande geldleningen en het schatkistbankieren meer rente is ontvangen dan aan rente op aangetrokken lange en korte financiering is betaald. Deze negatieve renteomslag is een resultaat van treasurybeleid en beheer en wordt conform voorschrift Commissie BBV ook niet daadwerkelijk aan de taakvelden toegerekend, maar blijft op het taakveld treasury als baat staan.
In de 1e Berap is het gehanteerde rentepercentage voor de integraal gefinancierde activa door de extra externe rentebaten derhalve al bijgesteld van 0,2% naar 0,0%.
Ten aanzien van de rentetoerekening aan grondexploitaties is de notitie rente in 2023 gewijzigd. Vanaf 2016 was in verband met de invoering van de Vennootschapsbelasting voor grondexploitaties de rentetoerekening gebaseerd op het gemiddelde rentepercentage over het vreemde vermogen. In de praktijk hanteert de Belastingdienst een andere toerekening van rente aan de grondexploitaties. Hiermee is de noodzaak voor een afwijkend rentepercentage voor grondexploitaties vervallen en is het met ingang van het begrotingsjaar 2025 verplicht de rente-omslag (voor 2025 dus 0,0%) ook te gebruiken voor de rente aan de grondexploitaties.
