Home

Paragrafen

Veiligheidsregio IJsselland - Zwolle

Relatie met programma

Programma 7. Vitale wijken

Oorsprong verbonden partij

De Veiligheidsregio is ontstaan uit de verplichting, zoals vastgesteld in artikel 9 en volgende van de Wet veiligheidsregio's. Die wet is op 1 oktober 2010 van kracht geworden om daarmee de slagkracht van de overheid bij rampen en zware ongevallen te verbeteren.

Openbaar belang

Uitvoering van de veiligheidstaken op basis van de Wet veiligheidsregio’s

Beleidsvoornemens

De beleidsvoornemens van de veiligheidsregio IJsselland zijn verwoord in de Strategische Beleidsagenda 2023-2026. Daarin komen de wettelijke taken uiteraard nadrukkelijk aan bod maar ook de aanvullende ambities vanuit de veiligheidsregio.

In 2026 zal er veel aandacht worden besteed aan het programmaplan Weerbaarheid en Veerkracht. Onderdeel hiervan is dat de continuïteit van de crisisorganisatie wordt uitgebreid naar vijf dagen.

Bestuurlijk belang

De Veiligheidsregio bestaat uit elf gemeenten. De burgemeester van Zwolle is voorzitter van zowel het dagelijks bestuur als het algemeen bestuur. Elke deelnemer heeft 1 stem in het algemeen bestuur.

Financieel belang

1-1-2025

€ 11.644.000

26,1%

31-12-2025

€ 11.644.000

26,1%

Toelichting

Dit is de vastgestelde jaarlijkse bijdrage aan de Veiligheidsregio

Eigen vermogen

1-1-2025

€ 5.403.000

31-12-2025

€ 5.523.000

Vreemd vermogen

1-1-2025

€ 37.475.000

31-12-2025

€ 41.850.00

Financieel resultaat

Het jaarrekeningresultaat over het boekjaar 2025 bedraagt 645.425 euro positief. Van dit resultaat wordt een bedrag van 660.831 euro toegevoegd aan de bestemmingsreserves voor Informatievoorziening, Crisisbeheersing en Weerbaarheid. Deze middelen worden gereserveerd ten behoeve van de dekking van toekomstige projecten binnen deze taakvelden. Na verwerking van deze toevoegingen resteert een negatief saldo van 15.406 euro. Dit bedrag wordt onttrokken aan de algemene reserve van Veiligheidsregio IJsselland.

Risico's

Er is een risicoprofiel opgesteld om de risico’s van de organisatie in kaart te brengen. Deze zijn in een rapportage vastgelegd. De tien risico’s met de meeste invloed op de hoogte van de benodigde weerstandscapaciteit zijn o.a.:
Interne risico's: Taakdifferentiatie, cyberveiligheid/digitalisering waarbij een aanval impact heeft op de continuïteit van de organisatie, strategisch vastgoedbeleid, krapte op de arbeidsmarkt en een tekort aan gekwalificeerd, deskundig en ervaren personeel, aansprakelijkheidsrisico met betrekking tot risico's die niet verzekerd zijn en de VRIJ zelf draagt.  
Externe risico's: Wijzigingen in beleid of financiering van de Rijksoverheid dan wel het Veiligheidsberaad, grootschalige/langdurige inzet, veranderingen in wet- en regelgeving zonder financiële dekking (duurzaamheid, privacy WOO etc.), klimaatverandering/extreem weer en inflatie hoger dan de jaarlijkse index.
Taakdifferentiatie lijkt hierbij in 2026 de grootste onzekere factor te gaan spelen. Dit komt voornamelijk door veranderende taken in het kader van het verhogen van de maatschappelijke weerbaarheid en de onzekere geopolitieke verhoudingen.

Deze pagina is gebouwd op 05/29/2026 08:05:52 met de export van 05/29/2026 07:50:37