Onroerende zaakbelasting (OZB)
Bij de onroerende zaakbelastingen is de herwaardering als gevolg van de wet Waardering Onroerende Zaken (wet WOZ) van belang. Deze WOZ-waarde wordt jaarlijks vastgesteld en voor het belastingjaar 2025 gaat het daarbij om de waarde per peildatum 1 januari 2024. De uitkomsten van deze herwaardering zijn mede bepalend voor de definitieve tarieven onroerende zaakbelastingen voor 2025 die de raad medio december 2024 vast heeft gesteld.
Het tarief voor OZB is met het vastgestelde inflatiepercentage, te weten 5,45%.
De uiteindelijke waardeontwikkeling woningen en niet woningen was voor 2024 hoger dan waar bij de vaststelling van de tarieven 2024 rekening mee is gehouden. Dit kon voor 2024 niet meer verwerkt worden maar is gecorrigeerd in 2025. Daardoor nemen de tarieven in 2025 voor woningen niet toe met 5.45% maar 4,46% en voor niet-woningen met 5,17%. Dit is verwerkt in onderstaande tarieven.
OZB woningen 0,0907%
OZB niet-woningen eigenaar 0,5299%
OZB niet-woningen gebruiker 0,4283%
De oude jaren, voor 2025 laten een zeer beperkt nadeel zien van € 14.000. Het voordeel in 2025 van € 336.000 komt met name door de niet-woningen. Het bedrag aan verminderingen is lager evenals de leegstand.
Voor meer informatie zie de toelichting in Programma 10, algemene dekkingsmiddelen.
